Bijna-doodervaring

door Vinnerd

Ik had van de week een bijna-doodervaring. Als in van, ik had een ervaring die bijna mijn dood werd. Het duurde even voor ik de moed bij elkaar had geschraapt het van me af te praten, maar inmiddels ben ik zover. Lees hier mijn choquerende verhaal.

Donderdagavond. Volgens mij was het een donderdag. Maar als je me zou vertellen dat het een dinsdag was, zou ik niet vreemd opkijken. Het ding is, wanneer je de dood in de ogen hebt gekeken, lijken banale zaken als dagen van de week opeens zo irrelevant.
Ik stond op de bus te wachten, want ik moest naar het station. Nu had ik ook de fiets kunnen pakken, maar er stond een stevige wind en, oh ja, mijn fiets is dus gejat.
Na een minuut of vijf in de verte staren, zag ik hem opeens aan komen rijden; de bus. Ik graaide in mijn broekzak en pakte mijn OV-chipkaart, die ik nonchalant tussen twee vingers hield.
Je moet weten, het is me wel eens gebeurd dat de bus keihard doorreed toen ik stond te wachten. Het is dan heel gênant als je je chipkaart overduidelijk in volle paraatheid houdt en mensen zien dat. Wat moeten ze wel niet van je denken? ‘Ha ha, die kneus wilde de bus pakken maar hij stopt niet.’ Vreselijk.
Enfin, vandaar mijn nonchalante manier van mijn chipkaart vasthouden. Waar ik alleen geen rekening mee hield, was die wind. Dus terwijl de bus steeds dichterbij kwam, zag de wind gelegenheid om de pas uit mijn vingers te jatten. Hij waaide zo de busbaan op.
Nu had ik twee mogelijkheden: ik zou kunnen wachten tot de bus er was, maar dan kon ik mijn pas niet pakken want dan zou hij onder de bus liggen. En dan moest ik wachten tot de bus weer weg was en hem dus missen. Maar ik had haast.
Dus ik sprong de busbaan op, met gevaar voor eigen leven. Het werd helemaal vervelend toen ik de pas, vanwege de natgeregende grond, niet meteen te pakken kreeg. Hij bleef wat plakken. De bus toeterde en ik slaakte een gilletje, maar zag nog net op tijd kans weer op de kant te springen. Mét pas.
Toen ik de bus instapte, keek de buschauffeur me woedend aan en bromde iets over ‘levensgevaarlijk’. Passagiers keken me verschrikt aan.

Maar het deerde niet. Er was mij een uitermate gênante situatie bespaard gebleven.

Advertenties