Deel 7: Invidia

door Vinnerd

(nijd – jaloezie – afgunst) 

7. envy

Ik stonk uit al mijn gaten. Mijn lijf naar zure haring en mijn adem naar rotte bladeren. De moeite om me leuk aan te kleden deed ik allang niet meer. Ik ging de deur alleen nog maar uit om naar school te gaan of om boodschappen te doen, en dan nog het liefst in mijn pyjama.
Het werd bijna een soort persoonlijk onderzoek naar hetgeen het menselijk lichaam kon verdragen: hoe lang kon ik leven op enkel pizza en ovenpatat zonder erbij neer te vallen?
Het was een dinsdagochtend die qua weer geenszins het benoemen waard was. Niet koud, niet warm, geen regen, geen wind, gewoon niks eigenlijk. Ik stond bij de tramhalte, al riekend en rokend, toen ik ze zag.
Twee jongens, beide een jaar of twintig. Ze liepen niet hand in hand, maar je kon zien dat ze bij elkaar hoorden. Hij had slaperig haar maar keek fris uit zijn ogen, met een hippe lederen jack en een strakke broek (die hij uitstekend kon hebben vanwege zijn prachtig vormgegeven onderstel, zowel benen als bips).
Hij (de andere hij, dat is een beetje een probleem bij homo’s) droeg zijn blonde haar naar achteren en een paar ondeugende borstharen glipten boven zijn V-hals uit.
Ze waren verliefd, dat kon je zien.
Jonge, mooie mensen.

Als ik mijn linkerbeen te ver optilde, voelde ik een steek in mijn linkerzij.


En dan had je mij. Een wrak. Ingestort. Voor het eerst sinds, nou, ooit eigenlijk, moest ik me er druk over maken of ik niet misschien een soa had. De slaap zat nog in mijn ogen en de enige van wie ik een sms hoefde te verwachten, was mijn moeder. Ik had een vlek op mijn broek en een gat in mijn shirt. Ik had hoofdpijn, keelpijn en was misselijk. Mijn amandelen waren opgezwollen en als ik mijn linkerbeen te ver optilde, voelde ik een steek in mijn linkerzij. Ik had een stijve nek en mijn navel zakte steeds dieper weg in mijn buik. Ik was voortdurend aan het hoesten en dan stonden mijn tenen ook nog eens scheef. Mijn blindedarm zag geen steek en als ik te snel opstond zag ik alles draaien.
Waarom kon ik niet net als hun zijn?

Verliefd.
Jong.
Mooi.
Stralend.

Maar ik had die ochtend mijn knie gestoten en was bijna door de wc-bril gezakt. De douche weigerde op temperatuur te komen en de zool van mijn schoen liet los. De tram kwam te laat en toen hij er eindelijk was, had ik niet eens een zitplaats.

Mijn leven is vintastisch, wat geenszins betekent dat het fantastisch is.
Maar wel heel erg van mij.

Het duurde even, maar zie nu
Van de zonden, alle zeven
Valt alleen aan jaloezie
Geen pret te beleven

Advertenties