Ik had vannacht een droom

door Vinnerd

Ik droomde vannacht. Meestal vergeet ik ze meteen, maar deze heeft zoveel indruk gemaakt dat hij al de hele dag door mijn hoofd spookt. Naarmate de uren voorbij tikken, krijg ik steeds meer flashbacks naar het avontuur dat ik afgelopen nacht mee heb mogen maken.

dreamcover

Toen ik de sleutel in het slot wilde duwen, bleek dat niet nodig. Mijn voordeur stond al op een kier. Voorzichtig stapte ik mijn gang in en toen ik daar een ravage aantrof, draaide mijn maag zich om. Waar er voorheen nog laminaat op de vloer lag, was er iemand zo brutaal geweest het te vervangen voor hoogpolig tapijt.

Ik snelde de woonkamer binnen om te kijken of er iets gestolen was. Gelukkig zag ik al snel dat mijn Wii zich nog op zijn oude, vertrouwde plekje onder de televisie bevond. En die televisie stond er overigens ook nog steeds. Mijn laptop lag nog braaf op de bank te wachten en er waren geen meubelstukken weg. Er was helemaal niets verdwenen, eigenlijk. Wat de inbreker wel had gedaan – naast het herbekleden van de vloer in mijn gang – was er een rommeltje van maken. Alles lag overhoop. Ik kan me de verbazing in mijn droom nog goed voor de geest halen: “Maar waarom, in hemelsnaam?”

Gelukkig wilde mijn familie en vrienden helpen om alles weer op zijn plekje terug te zetten. Tijdens het opruimen, zag ik plotseling mijn Marokkaanse buurmeisje met een lamp richting de gang lopen. Ik liet vallen wat ik vasthad en stormde op haar af.
‘Jij!’, riep ik. ‘Waarom heb jij dit gedaan?’

Ze moest huilen en daaruit maakte ik toen maar op dat zij het niet gedaan had. Later bleek ook dat ze mij al de hele tijd aan het helpen was met opruimen, maar dat was me niet eerder opgevallen.

Net toen ik dacht dat ik er nooit achter zou komen wie de ravage had aangericht, stond daar plotseling een vriendinnetje dat ik al ik geen jaren had gezien voor mijn neus. Ze hield haar hoofd een beetje schuin en krulde haar mondhoeken wat omhoog, maar uit haar ogen kon ik opmaken dat ze niet helemaal honderd was. Nooit geweest ook, trouwens. Ook niet buiten mijn dromen.

‘Wij hadden vanmorgen toch afgesproken?’, zei ze verwijtend. ‘Ik stond hier voor je deur maar je gaf niet thuis. Gelukkig bleek de deur niet op slot te zitten en kon ik vast naar binnen. Het idee was dat ik op je bank zou gaan zitten, wachtend tot je thuis zou komen. Maar toen ik binnenkwam en zag wat voor rommeltje het was, knapte er iets in mij.’

Ze bleef me het hele verhaal lang glimlachend aankijken.

Toen werd ik wakker. Eerst kon ik niet zo goed plaatsen waar deze droom vandaan kwam, maar inmiddels ben ik daar wel achter. Ik krijg vanavond namelijk bezoek om kwart over zeven, en dat terwijl ik zelf pas zeven uur thuis ben. Ik denk dat ik me onbewust een beetje druk maakte over het opruimen van mijn huis.

Advertenties